Deze Papoeastrijder zet zijn strijd voort vanuit het land dat hem verraadde PDF Afdrukken E-mailadres
zondag 01 december 2019 09:20

https://decorrespondent.nl/1320/deze-papoea-strijder-zet-zijn-strijd-voort-vanuit-het-land-dat-hem-verraadde/65345735400-c4e2f27b

Al meer dan vijftig jaar strijdt de Papoea-rebellengroep Organisasi Papua Merdeka voor een vrij en onafhankelijk West-Papoea. Gerardus Thommey was jarenlang een van hun leiders. Nu woont hij in Den Haag vanwaaruit hij de strijd geweldloos voortzet. Een interview over zijn strijd toen en zijn strijd nu.

Deze Papoeastrijder zet zijn strijd voort vanuit het land dat hem verraadde

Journalist Manon VAN DEN BREKEL

gerardus thommey

Gerardus Thommey, thuis in zijn woning in Den Haag. Foto: Thomas Donker (voor De Correspondent)

Nederland heeft de Papoea’s verraden. Daar is Gerardus Thommey (66) duidelijk over.
‘De Nederlanders hebben ons in 1962 niet betrokken bij het New York Agreement. Dáár is onze ontevredenheid begonnen. Nederland heeft ons vrijheid beloofd en een onafhankelijk Papoea, maar bij het New York Agreement is ons nooit om advies of een mening gevraagd. Daarom is Nederland schuldig.’
Maar volgens Thommey heeft niet alleen ex-kolonisator Nederland vuile handen gemaakt. Er zijn nog drie schuldigen: Indonesië, Amerika en de Verenigde Naties. ‘Die houd ik allemaal verantwoordelijk voor ons leed.
Indonesië heeft onze rechten geschonden door ons land in te nemen, Amerika is enkel uit op economisch gewin en de Verenigde Naties hebben het New York Agreement goedgekeurd.’

De strijd om een vrij West-Papoea

Het Papoea-eiland is opgesplitst in twee landen: de oostelijke helft heet Papoea-Nieuw-Guinea en is een autonoom land, de westelijke helft is een exkolonie van Nederland en valt sinds 1963 onder Indonesisch gezag. De Papoea’s zelf noemen het westelijke gedeelte van het eiland West-Papoea. Vanaf het moment dat hun land Indonesisch werd, strijden ze voor onafhankelijkheid. Een strijd die door de Indonesiërs wordt beantwoord met grof geweld.
De rebellengroep Organisasi Papua Merdeka (OPM) neemt een centrale plaats in in  deze strijd. Dertien jaar lang was Thommey regiocommandant van de OPM. Hij kreeg, toen de beweging groter en bekender werd, 2.000 strijders onder zich. West-Papoea is door de OPM opgedeeld in negen secties en Thommey had de leiding over sectie 5: de Merauke-regio. Dit zuidoostelijk gelegen gebied grenst aan het autonome Papoea-Nieuw-Guinea. In de grensstreek houden zich daarom veel vluchtelingen uit West-Papoea op die proberen te ontkomen aan het Indonesische militaire geweld.
Thommey werd gevreesd door zijn mannen. Strijders die werden benaderd door de Indonesiërs kregen wel ‘altijd de kans om weer op het rechte pad te komen.’ Die werden dan gevangen genomen ‘om hen bij te scholen.’ Hij wilde dat zijn manschappen gedisciplineerd bleven. ‘Want als er één zwakke schakel tussen zit, zijn we allemaal de klos.’
Toch zegt hij dat hij geen voorstander is van geweld om een onafhankelijk Papoea te bereiken. ‘Maar we voelen ons vertrapt. Onze rechten zijn geschonden. We strijden niet om mensen te doden. We willen gewoon vrij zijn, we willen gewoon met rust gelaten worden. Soms moet je daarvoor ook dingen doen die deel uitmaken van een oorlog.’

huis van gerardus thommey

In het huis van Gerardus Thommey. Foto’s: Thomas Donker

Indonesische ontmoetingen

Als Nederland in 1963 gedwongen wordt zijn laatste kolonie op te geven, neemt Indonesië het gezag over. De Verenigde Naties geven de Indonesiërs de opdracht om binnen zeven jaar de Act of Free Choice te organiseren: een referendum gehouden onder de Papoeabevolking met de vraag of ze een autonoom West-Papoea voor ogen heeft of dat ze bij Indonesië wil horen. De Indonesiërs geven echter niet iedereen stemrecht; enkel ruim 1020 door Indonesië uitgekozen mannen mogen stemmen. Zij worden zo onder druk gezet door de Indonesiërs, dat ze unaniem stemmen voor aansluiting bij Indonesië. In 1969 wordt West-Papoea ingelijfd.
In 1970 wordt Thommey met een aantal kameraden opgepakt door de Indonesische militairen. De OPM was toen nog druk bezig zich te organiseren met als doel een gewapende strijd te beginnen voor een vrij West-Papoea.
Met pamfletten en folders probeerden ze medestanders aan te trekken. Hij gebaart hoe de militairen hem met hun geweerkolven op het hoofd sloegen. Hij neemt zijn vale groene pet van zijn hoofd en wrijft met zijn wijsvinger over een deukje in zijn kalende schedel. Dezelfde dag kwam hij weer vrij, de Indonesiërs wisten toen nog niet dat Thommey  regiocommandant zou worden van de OPM.
En dat oog? Ach, dat was gewoon een ongelukje. Hij doet voor hoe zijn moeder met een zeis aan het werken was en hoe de toen een- of tweejarige Thommey op een ongelukkig moment achter haar kwam staan.
Het kantoortje waarin we zitten, wordt gevuld door twee bureaus met twee computers en twee bureaustoelen. Aan de muur hangt een gigantische geplastificeerde kaart van West-Papoea. Dit is het nieuwe Nederlandse kantoor van de Free West Papua Campaign, op 15 augustus vorig jaar geopend in de Haagse Toren in Den Haag.
De coördinator van Free West Papua Campaign Nederland, Oridek Ap, fungeert vandaag als tolk. Want zijn ‘oom’ Thommey mag dan al 24 jaar in Nederland wonen en een aardig
woordje Nederlands verstaan, het makkelijkst spreekt hij toch in zijn eigen taal, het Malais. Niet dat Ap en Thommey bloedverwanten zijn. Voor Ap is het ‘oom’ uit respect.

Opleiding tot commandant

Thommey kan zich het moment dat hij hoorde dat West-Papoea onderdeel zou worden van Indonesië nog zo voor de geest halen. Hij bevond zich in de jungle. ‘Via de radio hoorden we een vrouw zeggen dat Indonesië het referendum had gewonnen. Dus dat de Papoea’s gekozen hebben voor Indonesië. Seppie Wayoi, een kameraad van me, heeft de radio meteen kapot geschoten.’
Volgens Thommey waren daar destijds drie- tot vijfduizend mensen verzameld. Dat waren zowel gewone burgers als exleden van het Papoea Vrijwilligers Korps (PVK). Toen ze eenmaal hadden gehoord dat West-Papoea bij Indonesië zou gaan horen, besloot een aantal te vluchten. Uiteindelijk bleven er zeshonderd tot achthonderd over die wilden vechten.
Thommey volgde een jaar lang een ‘spoedcursus’ voor commandanten, gegeven door Seth Rumkorem, een Papoea en voormalig Indonesisch officier die besloten had te vechten
tegen de Indonesiërs. Dat deed hij volgens Thommey omdat Rumkorem zich realiseerde dat zijn volk hem nodig had. Met zijn opgedane ervaring is Thommey teruggegaan naar Merauke, de regio waarover hij de leiding kreeg. Daar trainde hij strijders die weer andere strijders zouden trainen. Uiteindelijk groeide de beweging op die manier tot 2.000 rebellen in het Merauke-gebied.
Ondertussen riep Indonesië de mensen die naar de jungle gevlucht waren op zich over te geven en terug te keren naar Hollandia. Volgens Thommey wilden de Indonesiërs de ontevreden Papoea’s in het oog kunnen houden. In de jungle was dat niet te doen, in de stad wel. ‘Met helikopters strooiden ze folders over de jungle uit, want ze wisten dat veel mensen daar naartoe waren gevlucht die niet tevreden waren met het resultaat van de Act of Free Choice. Er stond: kom terug naar de schoot van moeder Indonesië.’ Maar Thommey ging niet terug.

papuasieraden

Foto’s: Thomas Donker

De missie in Nederland

Eigenlijk is het stom toeval dat Thommey in Nederland terecht is gekomen. In 1985 werd hij opgepakt door de inlichtingendienst van Papoea-Nieuw-Guinea. Acht maanden zat hij
gevangen in Papoea-Nieuw-Guinea. Vanuit de gevangenis heeft hij per brief het commando overgedragen aan Bernhard Mawen, toentertijd zijn naaste medewerker en nu nog altijd de leider van de OPM in de Meraukeregio.
Omdat Thommey na zijn gevangenschap geen toestemming kreeg om terug te keren naar zijn strijders in de jungle, besloot hij naar het buitenland te gaan. Met hulp van de VN
is hij uiteindelijk in Ghana terechtgekomen. Na vier jaar is hij naar Nederland gegaan, omdat dat dat het ‘Mijn hoop was dat ik hier vanuit de Papoea-gemeenschap de OPM-strijd kon versterken en dat ik uiteindelijk weer terug zou kunnen gaan naar Papoea.’ Zijn plastic Perry Sport-tas gaat open. Thommey vist tussen de zwart-witfoto’s en de fotokopieën van
het oude Papoease briefgeld drie A4’tjes uit zijn blauwe map. In het uit 1985 stammende document verklaren Seth Rumkorem en Jacob Prai dat alle Papoea’s zich moeten verenigen.
‘Dat is waarvoor ik mij na mijn komst naar Nederland ook sterk voor wilde maken. Ik vond het mijn plicht dat te doen.’
Het liep anders. De Papoea’s bleken te zeer verdeeld. ‘In het begin was ik wel teleurgesteld dat ik te maken kreeg met zo’n verdeeldheid hier in Nederland. Maar uiteindelijk heb ik het geaccepteerd. Ik ben tot de conclusie gekomen dat we al een eenheid zijn, want er is maar één vlag: de Morgenster. En ik ben tot de conclusie gekomen dat het het beste is om iedereen zijn gang te laten gaan in wat hij wil doen voor een vrij Papoea.’

De waarheid omtrent Papoea

Bijna 25 jaar na Thommey’s komst naar Nederland is West-Papoea nog altijd niet vrij. Hij is nooit teruggeweest naar zijn land. ‘Dat is gewoon lastig. Geld is één. En als commandant kan ik niet met lege handen teruggaan. Dat kan ik mijn strijders niet aandoen. Als ik kom, moet ik met de vrijheid komen.’
Thommey is blij dat de jongere generatie Papoea’s in Nederland bereid is zijn strijd voort te zetten. Ze delen voornamelijk folders uit, houden petities en geven dansdemonstraties.
Hun strijd ziet er dus heel anders uit dan die van Thommey vroeger. ‘Toen ik in de jungle was, schoot ik met een geweer. Maar die boodschap kwam niet aan in Nederland of Amerika. Wat ik in Nederland meemaak, is dat we binnen één minuut onze boodschap de hele wereld over kunnen sturen.’ Alleen zou Nederland na al die jaren nu eens echt voor de Papoea’s moeten opkomen, vindt Thommey. ‘Nederland moet zijn mond opendoen en durven praten over onze grondrechten, ons recht op zelfbeschikking, ons recht op vrijheid. Nederland moet meer lef tonen.’

Lees het interview in pdf